Waarom vaccinatie tegen griep?

Voor de meeste mensen is griep een vervelende ziekte die vanzelf weer overgaat. Maar voor sommige mensen kan griep leiden tot ernstige klachten of zelfs sterfte. Gemiddeld overlijden er per seizoen 200 tot 1000 mensen aan de gevolgen van griep, vooral chronisch zieken en 60-plussers.

De Gezondheidsraad raadt mensen uit de volgende groepen aan tussen half oktober en half november een griepprik te halen:

Mensen met longziekten of aandoeningen aan de luchtwegen (astma, bronchitis)
Mensen met hartziekten (hartritmestoornissen)
Mensen met diabetes
Nierpatiënten
Mensen met een verminderde weerstand (bijvoorbeeld mensen met een auto-immuunziekte of mensen die chemotherapie of bestraling ondergaan)
Kinderen van 6 maanden tot 18 jaar die langdurig salicylaten gebruiken (bijvoorbeeld bij chronische darmaandoeningen)
Personen met een verstandelijke handicap die in een instelling wonen
Bewoners van een verpleeghuis
Mensen van 60 jaar en ouder
De griepprik voorkomt niet in alle gevallen een besmetting met griep. Na vaccinatie kunt u dus nog steeds griep krijgen, al is die kans wel kleiner. Vaak verloopt griep bij gevaccineerde personen iets milder, en is de kans op complicaties zoals longontsteking kleiner.

Hoe goed werkt de griepprik?

Wie deze winter griep kreeg had pech. Soms zelfs dubbele pech, want er waren nogal wat mensen die twee keer griep kregen. Dat kan. In onze landstreken woedden dit seizoen namelijk drie griepvarianten: A(H1N1)pdm09 (‘Mexicaanse griep’), A(H3N2) en B-griep. Wie de ene variant kreeg, kon later nog eens een andere onder de leden krijgen. De afgelopen weken was bijvoorbeeld de B-griep sterk in opmars.

De griepprik, die afgelopen november werd gegeven, bood redelijk goede bescherming. In het influenzavaccin voor het noordelijk halfrond zaten geïnactiveerde virussen A/California/7/2009 (H1N1)pdm09-like, A/Victoria/361/2011 (H3N2)-like en B/Wisconsin/1/2010-like (Yamagata-lijn). Die werden veelvuldig in de aangetroffen in de keel/neuswatten (‘swabs’) die door de peilstationhuisartsen van het NIVEL bij hun patiënten werden afgenomen.

Een ingezonden mededeling van het RIVM, NIVEL en het Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde meldt dan ook een hoge effectiviteit voor de griepprik van dit jaar: maar liefst 90% B-griep, 53% voor A(H3N2) en 82% voor A(H1N1)pdm09. Voor alle griepvarianten tezamen gemiddeld 78%.

Dat is nogal wat! En ik denk eerlijk gezegd een behoorlijke overschatting doordat er alleen maar naar een selecte groep van patiënten en niet de doorsnee bevolkingis gekeken. Eergisteren, in een interview met een krant, sprak onze bekende viroloog prof. dr. Ab Osterhaus van een effectiviteit van ‘zo’n 60%’ en dat er betere griepvaccins nodig zijn. Ik denk dat hij veel dichter bij de werkelijkheid staat. Een recente Amerikaanse studie, die niet gecorrigeerd was voor leeftijden van de deelnemers, kwam op 62%. Canadese onderzoekers kwamen uit op 45%. Er moet wel bij worden gezegd dat in beide landen dit seizoen voornamelijk sprake was van A(H3N2). In Groot-Brittannië werd een effectiviteit gevonden van 49% voor A-griep en 51% voor B-griep.

De Grote Griepmeting kijkt naar griepachtige verschijnselen onder de gehele bevolking en niet alleen de selecte groepen patiënten die naar de huisarts gaan. In Nederland gaat slechts 20% van de grieplijders naar de huisarts (voornamelijk ongeruste ouders met hun jonge kinderen, risicogroepen en 60-plussers). In België is het huisartsenbezoek veel hoger, zo’n 80%. Dat is omdat iedereen die daar van het werk verzuimt, zijn huisarts moet hebben geconsulteerd. In andere Europese landen geldt die meldingsplicht niet en daar zien we ongeveer dezelfde cijfers voor het huisartsenbezoek als in Nederland.

Een Belgisch onderzoek onder Vlaamse griepmeters door Yannick Vandendijck en zijn mede-auteurs komt uit op een vaccinatie-effectiviteit van 54%. In Nederland komt Sander van Noort op een soortgelijke waarde als hij kijkt naar de periode dat er veel positieve laboratoriumtests zijn voor influenza en ook gevallen onder de epidemische grenswaarde weglaat. Over het hele meetseizoen genomen is de effectiviteit veel geringer of in sommige jaren zelfs afwezig. Eén oorzaak is dat griepachtige verschijnselen lang niet altijd door het influenzavirus veroorzaakt worden. En het gaat ons hier immers om de effectiviteit van het influenzavaccin.

Omdat u, als vrijwillige griepmeters in Nederland en Vlaanderen al tien jaar lang uw ziektebeeld doorgeeft, kunnen we ook zien dat de effectiviteit van de griepprik van jaar tot jaar varieert. Het griepvirus muteert voortdurend. Kennelijk is de keuze voor de griepvarianten in het vaccin door de Wereldgezondheidsorganisatie het ene jaar meer ‘raak’ dan in het andere.

Hoe kan de effectiviteit van de griepprik worden verbeterd. Het huidige, geïnactiveerde vaccin, is voor drie griepvarianten. Er wordt gedacht aan een viervoudig vaccin, waardoor de effectiviteit nog kan worden verbeterd. Met levend, maar verzwakt vaccin via een neusspray kunnen kinderen zeer effectief (circa 90%) worden gevaccineerd tegen influenza. In Groot-Brittannië zal deze griepvaccinatie bij kinderen met ingang van volgend seizoen worden aanbevolen. Een verstandige keuze, want griep wordt voornamelijk door jonge kinderen via peuterspeelzalen en scholen verspreid. Omdat zij voordat ze met veel andere kinderen in aanraking komen zelden of nooit met de ziekte in aanraking zijn geweest, hebben ze nog geen immuniteit en zullen ze elkaar dus razendsnel besmetten. Vaccineer je de kinderen, dan biedt dat dus ook bescherming aan hun ouders, en via de ouders met kinderen aan de rest van de bevolking.

Dat de griepprik nu al voor een goed deel helpt, is een verworvenheid die we moeten koesteren. Pokken zou ook niet zijn uitgeroeid zonder grootscheepse vaccinatie. Daarom is het wonderlijk dat het met name in Nederland bar en boos gesteld is met de vaccinatie van gezondheidswerkers. Daarvan is slechts 17% gevaccineerd. Bij de huisartsen is het 49%, ook nog niet eens de helft. Ik vind dat buitengewoon onverstandig, want in de gezondheidszorg, en speciaal in ziekenhuizen en verpleeghuizen zijn er veel kwetsbare mensen die ernstige schade kunnen ondervinden als ze door iemand van het personeel worden besmet. Door hun kwetsbaarheid lopen deze patiënten bij griep veel vaker een longontsteking op, met mogelijk de dood tot gevolg. En dat terwijl de Gezondheidsraad al sinds 2007 griepvaccinatie voor gezondheidszorgpersoneel heel duidelijk aanbeveelt.

Ligt u rustig bij uw tandarts als u weet dat griep enkele dagen voordat de eerste verschijnselen optreden door besmetting kan worden overgebracht? Is zo iemand niet gevaccineerd en heeft hij of zij griep onder de leden, dan is de kans niet ondenkbeeldig dat u nog geen paar dagen later op uw benen staat te tollen.

Carl Koppeschaar

Meer lezen?
Letter to the editor: Influenza vaccine effectiveness: heterogeneity in estimates for the 2012/13 season.
Van der Hoek W, Dijkstra F, de Lange MM, Donker GA, Meijer A, van der Sande MA.
Euro Surveill. 2013;18(7):pii=20399.

Effectiveness of seasonal 2012/13 vaccine in preventing laboratory-confirmed influenza infection in primary care in the United Kingdom: mid-season analysis 2012/13.
McMenamin J, Andrews N, Robertson C, Fleming DM, Durnall H, von Wissmann B, Ellis J, Lackenby A, Cottrell S, Smyth B, Zambon M, Moore C, Watson JM, Pebody RG
Euro Surveill. 2013;18(5):pii=20393.

Interim estimates of influenza vaccine effectiveness in 2012/13 from Canada’s sentinel surveillance network, January 2013.
Skowronski DM, Janjua NZ, De Serres G, Dickinson JA, Winter A, Mahmud SM, Sabaiduc S, Gubbay JB, Charest H, Petric M, Fonseca K, Van Caeseele P, Kwindt TL, Krajden M, Eshaghi A, Li Y
Euro Surveill. 2013;18(5):pii=20394.

ECDC: Seasonal influenza in Europe (EU/EEA countries).

WHO: Epidemiological and virological situation update of the 2012/2013 influenza season.

Efficacy and effectiveness of influenza vaccines: a systematic review and meta-analysis.
Osterholm MT, Kelley NS, Sommer A, Belongia EA (2012)
Lancet Infect Dis 12: 36-44.

Using the internet to estimate influenza vaccine effectiveness.
W. John Edmunds, Sebastian Funk
Expert Rev. Vaccines 11(9), 1027-1029 (2012).

Eight years of the Great Influenza Survey to monitor influenza-like illness in Flanders. Plos One (submitted).
Yannick Vandendijck, Christel Faes, Niel Hens
Estimating trends of influenza-like illness based on an observational study.
Yannick Vandendijck

Internet-based monitoring of influenza-like illness in the general populations: experience of five influenza seasons in the Netherlands.
Friesema, I.H.M., Koppeschaar, C.E., Donker, G.A., Dijkstra, F., van Noort, S.P., Smallenburg, R., van der Hoek, W. and van der Sande, M.A.B. (2009).
Vaccine, 27, 6353-6357.

FAQ griepvaccinatie

Veel gestelde vragen over griepvaccinatie:

Wie krijgt een griepprik?
Een griepprik wordt aanbevolen voor de volgende groepen mensen: personen ouder dan 60 jaar, mensen met suikerziekte, volwassenen en kinderen met chronische ziekten (onder andere hart-, long- en nierziekten). Ook wordt de griepprik aanbevolen voor personen die veel in aanraking komen met bovengenoemde groepen, zoals artsen en verplegend personeel. Voor personen met een ernstige allergie voor kippeneieren, vrouwen in de eerste drie maanden van de zwangerschap en baby’s jonger dan zes maanden wordt de griepprik afgeraden. Voor meer informatie, zie http://www.rivm.nl/griepprik terug

Hoeveel mensen krijgen een griepprik?
Naar schatting 2,9 miljoen Nederlanders halen dit jaar een griepprik bij hun huisarts. Het aantal vaccinaties tegen influenza neemt ieder jaar gestaag toe. In 1998 werden bijna 2,5 miljoen prikken uitgedeeld. Dat was 15,4% van de bevolking. Vorig jaar liet 17,6% zich vaccineren: 2,8 miljoen mensen. Oorzaak van de stijging is het toenemende aantal ouderen en chronisch zieken in Nederland. In België zegt 20% van de mensen van 15 jaar en ouder een griepprik te hebben gehaald (cijfers 2001). Ook hier stijgt elk jaar het aantal mensen dat zich laat vaccineren. De vaccinatiegraad voor griep varieert licht per gewest: 22% in het Vlaams Gewest, 20% in het Brussels Gewest en 17% in het Waals Gewest. De 60-plussers krijgen de vaccinatie gratis, net als mensen met diabetes of hart-, long- of nierziekten, omdat influenza voor hen ernstige gevolgen kan hebben. Dat zijn samen meer dan 3,7 miljoen mensen. Van de risicogroep in Nederland kwam in 2002 precies 75% een prik halen. Dat percentage is al jaren vrij stabiel en het hoogste van Europa. De vaccinatiegraad in de risicogroepen ligt in België op 42%. Wereldwijd scoren alleen Canada en de Verenigde Staten beter dan Nederland. terug

Heeft vaccineren een negatieve invloed op mijn weerstand tegen griep?
Nee. Een griepprik heeft geen negatief effect op je weerstandsvermogen. Integendeel, de weerstand wordt er juist door versterkt. Na een vaccinatie zal het lichaam antistoffen maken tegen het griepvirus. Deze antistoffen beschermen je als je met een griepvirus in aanraking komt. Vaccinatie activeert je immuunsysteem en zorgt daardoor dat je lichaam niet ‘lui’ wordt en niet verleert hoe het op een infectie moet reageren. Ook als je griep hebt, maakt je lichaam antistoffen, maar dan duurt het even voordat er genoeg zijn om de griep aan te pakken. terug

Kan ik als gevolg van vaccinatie griep krijgen?
Nee, vaccinatie vindt plaats met onderdelen van een geïnactiveerd (dood) virus. Het vaccin biedt pas twee tot drie weken na vaccinatie een optimale bescherming. Door infectie met het griepvirus binnen deze periode kun je dus nog wel griep krijgen, maar de kans is groot dat je er minder ziek van wordt dan zonder prik. Dat komt doordat je dan toch al een bepaalde weerstand hebt opgebouwd. Vaccinatie in oktober of november is het meest ideaal, omdat je dan in de wintermaanden vrijwel zeker volledig beschermd bent als de griep gaat heersen. terug

Ik ben zwanger, kan ik mij dan toch laten vaccineren?
Als je zwanger bent, is het krijgen van griep, en dan met name de complicaties die het gevolg kunnen zijn van griep, een risico voor moeder en kind. Daarom wordt vaccinatie vaak aanbevolen voor zwangere vrouwen, die tijdens het griepseizoen (december tot april) in het tweede of derde trimester van hun zwangerschap zijn (dus meer dan dertien weken zwanger). Als je tot de risicogroepen behoort, wordt vaccinatie aanbevolen ongeacht het stadium waarin de zwangerschap zich bevindt. Alleen vrouwen in de eerste drie maanden van de zwangerschap kunnen beter even wachten met de prik. terug

Ik heb last van allergieën, kan ik mij dan toch laten vaccineren?
Als je last hebt van kippeneiwit-allergie, dan mag je niet gevaccineerd worden met het griepvaccin. Dit komt doordat het vaccin wordt geproduceerd met behulp van kippeneieren, waardoor zich in het vaccin kleine restjes kippeneiwit kunnen bevinden. Net als bij voedingsmiddelen en cosmetica kunnen sommige mensen overgevoelig zijn voor bepaalde bestanddelen van de griepprik. terug

Waarom wordt niet iedereen gevaccineerd tegen griep?
Voor jonge, gezonde volwassenen vormt griep geen gevaar. Deze groep hoeft dan ook niet gevaccineerd te worden. terug

Ik hoor wel eens dat iemand een griepprik heeft gehad en toch griep heeft gekregen. Hoe kan dat?
Niet alles wat wij griep noemen is ook echte griep. In zijn mildste vorm is griep moeilijk te onderscheiden van andere aandoeningen van de luchtwegen, zoals verkoudheid. En dan wordt al gauw gezegd: ‘ik heb de griepprik gehaald en toch griep gekregen’. Bovendien biedt het vaccin geen 100% bescherming en is er dus een kleine kans dat je toch griep krijgt. Die is dan echter meestal wel veel milder en het risico van complicaties is kleiner. De mate van bescherming die een vaccin biedt kan van persoon tot persoon verschillen, onder andere door ziekte of door gebruik van medicijnen die het afweersysteem van het lichaam beïnvloeden. Verder is het zo dat men niet altijd met 100% zekerheid van tevoren kan voorspellen welke virussen tijdens de winter aanwezig zullen zijn. Het vaccin is zo samengesteld dat de meest waarschijnlijke virussen er in ieder geval inzitten. Het kan echter voorkomen dat men door een ander griepvirus, dat niet in het vaccin zit, toch nog ziek wordt. terug

Er zijn tegenwoordig nieuwe geneesmiddelen tegen griep. Moet ik mij dan toch nog laten vaccineren?
Vaccinatie biedt de beste bescherming tegen griep. De nieuwe geneesmiddelen kun je pas innemen als je al griep hebt. Dit moet dan wel snel gebeuren, binnen 24 tot 48 uur, want alléén dan kunnen deze middelen de ziekteduur met ongeveer één dag bekorten. Het is niet goed mogelijk om binnen 48 uur vast te stellen of griepverschijnselen veroorzaakt worden door het griepvirus. Als dat niet het geval is dan helpen deze medicijnen niet en worden ze ten onrechte ingenomen. Dus voorkomen is beter dan genezen! terug

Waarom wordt het aanbevolen elk jaar een griepprik te halen?
De hoeveelheid antilichamen na de vaccinatie neemt in de loop van de tijd af. Op een gegeven moment zijn er te weinig antilichamen om een goede bescherming te bieden. Verder ondergaat het griepvirus regelmatig kleine veranderingen en kan op deze manier ons immuunsysteem steeds opnieuw verrassen. Hierdoor biedt de griepprik van het vorige jaar onvoldoende bescherming en moet hij elk jaar herhaald worden. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelt elk jaar opnieuw de samenstelling vast van het vaccin op zo’n manier dat het bescherming biedt tegen de meest voorkomende griepvirussen. terug

Hoe bepaalt de Wereldgezondheidsorganisatie welke virus typen in het vaccin komen?
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) bekijkt twee keer per jaar of het vaccin nog wel aansluit bij de virustypen die rondwaren. Vrijwel elk jaar wordt het middel een beetje aangepast. terug

Waar bestaat het griepvaccin uit?
Het griepvaccin bevat in het algemeen drie verschillende typen inactief gemaakt virus. De virussen worden gekweekt in bevruchte kippeneieren, vervolgens gedood en gezuiverd alvorens het vaccin wordt gemaakt. Globaal genomen levert één ei genoeg virus voor één dosis vaccin. terug

Geeft de griepprik bijwerkingen?
Circa 95% van de gevaccineerden heeft geen of slechts gering ongemak als gevolg van de griepprik. Bij een kleine minderheid is de plek van de prik daags na de vaccinatie iets dikker en gevoeliger. Ook een klein gedeelte van de mensen zegt zich de dag van de vaccinatie en de dag erna moe en ‘gammel’ te voelen. Dit laatste kan worden verklaard doordat het lichaam begint met de bouw van antilichamen tegen het griepvirus. De ene persoon is hier gevoeliger voor dan de ander. terug

Hoe werkt de bescherming van de griepprik?
Na de vaccinatie begint het afweersysteem met de productie van antilichamen tegen bepaalde eiwitten uit het vaccin. Die zelfde eiwitten komen voor aan de buitenkant van het echte virus. Als dit virus vervolgens je lichaam binnendringt, dan binden de antilichamen zich aan de griepvirussen zodat deze uitgeschakeld kunnen worden. Het virus kan dan geen cellen meer kapot maken en het weefsel loopt geen schade (meer) op. Je wordt dus niet ziek of je hebt minder ernstige klachten. terug

Wanneer moet je gevaccineerd worden?
Het is lastig om aan te geven wat precies het beste moment voor de griepprik is aangezien de epidemie elk jaar op een ander moment begint. Op het noordelijk halfrond ligt de beste tijd voor vaccinatie tussen midden september en begin november. terug

Hoe effectief is het griep vaccin?
De effectiviteit van vaccinatie is afhankelijk van het afweersysteem van het individu, de leeftijd van de persoon die gevaccineerd wordt, de gelijkenis van het virus in het vaccin met virussen die circuleren, het (sub)type van het virus en de tijd tussen vaccinatie en blootstelling aan het griepvirus. Daardoor is het moeilijk te zeggen hoe effectief het griepvaccin is. In het algemeen voorkomt vaccinatie ziekte in ongeveer 70% van de jong volwassenen, voor ouderen ligt dit percentage lager. terug

Kun je griep krijgen als je gevaccineerd bent?
Het is mogelijk dat (met name ouderen) mensen toch griep krijgen terwijl ze gevaccineerd zijn (zie ook vorige vraag). Echter, voor diegenen die toch geïnfecteerd worden na de griepprik, is de ziekte meestal minder ernstig en leidt deze minder vaak tot ziekenhuisopname of de dood. terug

Wat is het effect van de griepprik?
De griepprik voorkomt jaarlijks 5400 sterftegevallen. Ook zijn er 48% minder ziekenhuisopnamen. Dat maakt de 35 miljoen euro die de vaccinatieronde jaarlijks kost, meer dan goed. Toch sterven er jaarlijks nog steeds enkele duizenden mensen, voornamelijk ouderen, aan de griep. terug

Websites over griepvaccinatie

60 plus? Griepprik dus! De griepprik beschermt u tegen ernstige gevolgen van de meest voorkomende griepvirussen. Iedereen die extra risico loopt om ernstig ziek te worden door griep, krijgt de griepprik gratis aangeboden. Dat zijn mensen van 60 jaar en ouder en bepaalde risicogroepen. Voor deze mensen is het belangrijk dat zij jaarlijks de griepprik krijgen. De griepprik maakt de kans om griep te krijgen veel kleiner. Als u toch griep krijgt, dan verloopt de ziekte meestal minder ernstig. Bovendien verkleint de griepprik de kans op complicaties zoals longontsteking of op verergering van uw ‘eigen’ ziekte.

De griepprik: veertien domme redenen om hem niet te halen Het griepseizoen nadert. Ouderen en personen in risicogroepen krijgen een griepprik aangeboden. Het zou wenselijk zijn – zei de Gezondheidsraad vijf jaar geleden – als iedereen in de gezondheidszorg zich ook jaarlijks zou laten inenten tegen griep. Helaas zijn er in de gezondheidszorg veel personen die dat niet doen. Dat is onverstandig. In de gezondheidszorg, en meer speciaal in ziekenhuizen en verpleeghuizen zijn er veel kwetsbare mensen die ernstige schade kunnen ondervinden als ze door iemand van het personeel worden besmet.

De Grote Griepmeting en het nut van de griepprik

De Grote Griepmeting en het nut van de griepprikVoor de Grote Griepmeting, wordt aan alle deelnemers gevraagd of ze een griep vaccinatie hebben gehad. Kan de Grote Griepmeting nu een oordeel geven over de effectiviteit van de griepvaccinatie, of anders gezegd, kunnen we een antwoord geven op de vraag: “Verlaagt een griepprik de kans op een griep infectie, en zo ja, met hoeveel?” Deze vraag is een stuk moeilijker te beantwoorden dan op het eerste gezicht misschien lijkt. Er zijn twee problemen, die het voor de Grote Griepmeting uitermate lastig maakt deze vraag goed te beantwoorden. Ten eerste meet de Grote Griepmeting niet het influenza virus, maar slechts een influenza-achtig ziektebeeld gebaseerd op symptomen. Ten tweede zijn de wel- en niet gevaccineerde deelnemers niet direct te vergelijken.

Lees verder bij Influenzanet

Groot aantal meldingen bijwerkingen griepprik

De meeste meldingen werden gemaakt naar aanleiding van de eerste griepprik tegen de Mexicaanse griep, en deze zorgde ook het meeste voor (milde) bijwerkingen. De meeste griepprikken voor de seizoensgriep werden genomen begin november, de eerste griepprik voor de Mexicaanse griep eind november en de tweede griepprik voor de Mexicaanse griep in december.

Dagen waarop de griepprik werd verkregen, in Nederland en België.

De gerapporteerde verschijnselen bij de griepprik waren voornamelijk milde en lokale reacties zoals zwelling of roodheid op de plaats van de prik. Maar er waren ook meldingen van een stijve arm, spier of gewrichtspijn, tintelingen, hoofdpijn, moeheid, duizeligheid, zweten en rillingen, braken, diarree en buikpijn. Door de opsomming van de gemelde verschijnselen lijkt het erger dan het is. Ze zijn ook terug te voeren tot het feit dat het afweersysteem van je lichaam op gang komt na de prik. Je ondergaat een soort minigriepje. En juist daardoor raak je tegen de echte griep beschermd, aldus Carl Koppeschaar, initiatiefnemer van de Grote Griepmeting.

Zowel in België als in Nederland werden er meer algemene bijwerkingen (zoals hoofdpijn, moeheid, misselijkheid, koorts) ondervonden van de griepprik tegen de Mexicaanse griep (“Mexicaanse griepprik), dan bij de griepprik tegen de seizoengriep (“Seizoensgriepprik”). Bij de Mexicaanse griepprik werden er in België echter veel meer lokale bijwerkingen (rode of pijnlijke plek, zwellingen, stijve arm) gerapporteerd, zowel in verhouding met Nederland als in verhouding met de seizoensgriepprik. In België wordt tegen de Mexicaanse griep gevaccineerd met Pandemrix, in Nederland voornamelijk met Focetria.

Bijwerkingen griepprik voor Nederland en België.

Er zijn minder duidelijke verschillen zichtbaar tussen de bijwerkingen van de eerste en de tweede Mexicaanse griepprik, en zover deze verschillen er al zijn, zijn ze vaak niet significant vanwege het lage aantal meldingen voor de tweede Mexicaanse griepprik.

Bijwerkingen griepprik voor Nederland en België, eerste vs. tweede Mexicaanse griepprik.

Omdat bij een publieksmeting via internet altijd een verstoring kan optreden doordat mensen die geen bijwerkingen ondervinden zich minder snel zullen melden, is een vergelijking gemaakt tussen de meldingen die werden gedaan door onze trouwe griepmeters en door de nieuwe melders. Daar blijkt weinig verschil tussen te zitten, hoewel deelnemers aan de Grote Griepmeting iets minder vaak bijwerkingen rapporteerden.

Bijwerkingen griepprikken, voor Grote Griepmeting deelnemers, en mensen die niet deelnemen aan de Grote Griepmeting.

Minder dan 5% van de deelnemers die een griepprik heeft gehaald, heeft naar aanleiding van eventuele bijwerkingen een huisarts gebeld of heeft een huisarts bezocht. Het aantal ziekenhuisopnames is minimaal. Er werden vaker medicijnen gebruikt om eventuele bijwerkingen van de Mexicaanse griepprik te verhelpen dan van de seizoensgriep, vooral in België.

Acties ondernomen naar aanleiding  van eventuele bijwerkingen, in Nederland en België.

Eventuele bijwerkingen beginnen meestal op de dag zelf of de dag erna. Hoewel er vaker bijwerkingen gerapporteerd van de Mexicaanse griepprik, lijken de bijwerkingen van de Mexicaanse griepprik korter te duren. Dit kan er echter aan liggen dat de Mexicaanse griepprik nog maar veel korter beschikbaar is, en dat er mensen zijn die de meting invullen terwijl ze nog steeds last hebben van bijwerkingen hebben.

Het begin van de bijwerkingen van de griepprik (in absolute aantallen).

De gerapporteerde duur van de bijwerkingen van de griepprik (in absolute aantallen).

Naar aanleiding van de seizoensgriepprik, rapporteerden deelnemers die behoren tot een risico groep vaker zowel lokale als algemene bijwerkingen. Naar aanleiding van de Mexicaanse griepprik hebben juist deelnemers die niet behoren tot een risico groep vaker lokale bijwerkingen (pijnlijke plek, stijve arm) gerapporteerd dan deelnemers uit de risicogroepen.

Tot de risico groepen zijn gerekend: leeftijdsgroep 6 maanden – 4 jaar, leeftijdsgroep 60-plus, zwangerschap vanaf 13 weken, chronische ziekte van de ademhalingswegen (zoals astma, COPD), diabetes, chronische hartaandoening, matige tot ernstige nier- of leveraandoening, overig (aandoeningen van de spieren of zenuwen, onderdrukking van de afweer, aangeboren ziekte van de stofwisseling). Mensen die tot een risicogroep behoren vanwege hun werk- of gezinssituatie, zijn niet de risicogroepen gerekend.

Bijwerkingen van de griepprik voor risico groepen in verhouding met niet-risico groepen. 

Vrouwen rapporteerden significant vaker bijwerkingen dan mannen, zowel bij de Mexicaanse griepprik als de seizoensgriepprik. Vooral voor lokale bijwerkingen (rode of pijnlijke plek, bloedingen, zwellingen, stijve arm) is het verschil opvallend groot.

Bijwerkingen van de griepprik voor mannen en vrouwen.

Mensen die in voorgaande seizoenen al eens gevaccineerd zijn, hebben over het algemeen minder bijwerkingen dan mensen die dit jaar voor het eerst zijn gevaccineerd.

Bijwerkingen van de griepprik, voor mensen die wel of niet in vorige seizoenen al eens tegen de griep gevaccineerd zijn.

Deze voorlopige en beschrijvende analyse is uitgevoerd door Sander van Noort, epidemioloog verbonden aan de Grote Griepmeting. De anonieme gegevens over de gemelde bijwerkingen zullen ook nog voor nadere analyse ter beschikking worden gesteld aan het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) en het Centrum Infectieziektenbestrijding (CIb) van het RIVM. 

Sander van Noort en Carl Koppeschaar

 

 

Het effect van de griepprik

Het effect van de griepprik bij de griepmeters in Nederland (boven) en Vlaanderen (onder). Met name tijdens de piek van de griepgolf, als er sprake is van veel gevallen van echte influenza, is het verschil duidelijk te zien.

Vaccinatie effecten vergelijking NL/BE

Stichting Citizen Science heeft ten doel het bevorderen van burgerwetenschap. De stichting tracht dit doel onder meer te bereiken door het ontwikkelen en exploiteren van een digitale infrastructuur voor participatief onderzoek. Via deze digitale infrastructuur kunnen burgers meedoen aan online metingen en ook online metingen initiëren.

© 2020 griepencorona.nl Privacybeleid